
Activiteiten Columns Euwering Pleinschaken Schaakkaravaan Schaker van het jaar Platform Talent Ontwikkelen (PSO)
Ouders minder gewenst!
Na de positieve rol van de ouders in het artikel "Ouders graag gezien!", dit keer de minder positieve rol van ouders. Beide artikelen zijn gebaseerd op mijn ervaringen en kennis als schaker, trainer, bestuurslid, kaderdocent en mens in de afgelopen 30 jaar. Vooral dit keer "ter lering en vermaak!"
Ik ga in dit artikel uit van kinderen op een schaakclub, maar de materie is ook van toepassing voor schaaklessen op school. Vandaar dat men in plaats van trainer ook schaakleraar kan lezen. Daar waar hij staat kan natuurlijk ook zij gelezen worden. Namen zijn verzonnen.
Schaaktechnisch
Regelmatig heb ik meegemaakt dat een ouder "schaaktechnische tips" gaf die helemaal niet kloppen of juist in tegenstelling zijn tot hetgeen het kind van de trainer heeft geleerd. Een kwalijke zaak, want het schakende kind kan zodoende in gewetensnood komen: de trainer of de ouder geloven of gehoorzamen?Soms ontbreekt het ouders aan kennis omtrent het ontwikkelingsproces van een opgroeiend kind, zodat de ouder de schaakpartij bekijkt met 'volwassen ogen' zonder er bij stil te staan dat z'n kind schaaktechnisch en qua ontwikkeling nog niet zo ver is.
Mila was 7 jaar en schaakte al een behoorlijke partij, met name omdat hij ook elke dag met vader Ronald oefende. Bij het scholentoernooi kwam Ronald kijken en was een meer dan aandachtig kijker bij de partijen van Mila. Bij elke gemiste kans keek hij vragend om zich heen en toen Mila mat in 1 zet mistte greep Ronald naar zijn hoofd. Verbijsterend vroeg hij de schaakleraar hoe dit toch kon?Het was duidelijk dat Ronald naar de partij keek met zijn eigen "bril op". Mila was een aardige schaker voor zijn leeftijd, maar was nog in de fase dat hij meer op het slaan van materiaal lette dan op andere (ruimtelijke) zaken zoals mat. Daarnaast is de concentratie en kennis van een 7-jarige natuurlijk nog beperkt. De ontwikkeling van een kind (ook in schaken) heeft de nodige tijd nodig. Je zou verwachten dat een ouder daarvan op de hoogte is...
Nadat Yohn als nieuwkomer in de jongste groep van de regionale training werd ingedeeld belden zijn ouders om te vertellen dat Yohn in een hogere groep hoorde. Hij zou zich afwijkend gaan gedragen met jongere kinderen om hem heen en ook wisten zijn ouders te melden dat hij alle leerstof al kende, zonder dat Yohn (of zijn ouders) ooit een regionale training had bijgewoond. Vreemd, aangezien de ouders zelf niet kunnen schaken en ik allemaal eigen materiaal gebruik op dergelijke trainingen.
Op de eerste trainingsdag heb ik Yohn goed gevolgd: hij had veel plezier, gedroeg zich prima en bleek - schaaktechnisch - prima op zijn plek te zitten. Na afloop van de training bevestigde Yohn dat zelf toen ik hem daarnaar vroeg. Vlak voor de volgende training kwam Yohn naar mij toe en vroeg of hij een groep hoger mocht, want "ik weet alles al".
Begeleider bij toernooien
De meeste problemen met ouders vinden plaats bij toernooien. Er is competitie, de spanning is bij spelers en veel ouders hoog. De betrokkenheid van de ouders is groot en voordat men het weet gaat men - negatief - over de schreef. Ik zou hier tientallen praktijkvoorbeelden van kunnen geven, maar ik beperk me tot enkele ervaringen die waarschijnlijk herkenbaar zullen zijn.
Bij het basisscholentoernooi wordt gearbitreerd als de partij na 25 minuten nog aan de gang is. De ervaren arbiters doen dat volgens strikte richtlijnen (3 punten verschil - onder normale omstandigheden - is beslissend. Anders is de partij remise). Jeroen arbitreert de partij remise omdat wit slechts 2 pionnen voor staat. De vader van de witspeler begint te roepen dat het niet eerlijk is en maakt de nodige stennis, terwijl hij zelf amper kan schaken en niet op de hoogte is van de arbitrageregels...Alles is volkomen volgens de afgesproken regels gegaan en het kind accepteerde het besluit zonder problemen. Waar bemoeit die vader zich mee? Wat voor slecht voorbeeld geeft die niet aan de aanwezige kinderen?
Joris z'n tegenstander (David) raakte een paard aan en zag dat hij dan in grote problemen zou komen. Joris wees David er wel op ("je moet wel met het paard spelen"), maar na lang dralen deed David een zet met een ander stuk. Joris was zijn opmerking vergeten en speelde verder en verloor uiteindelijk. De vader van Joris, die eigenlijk helemaal niet bij het bord mocht staan, werd na de partij woedend op hem en de tranen vloeide rijkelijk.Bij kampioenschappen is het van belang dat kinderen de regels kennen en bij problemen de wedstrijdleider erbij halen, dat voorkomt de meeste ellende.. De reactie van de fanatieke ouder is uiterst ongewenst: (a) niemand verliest voor zijn plezier, (b) Joris z'n plezier van die dag was in een keer totaal verdwenen en (c) ook zijn zelfvertrouwen liep een behoorlijke deuk op. Zo moet het dus niet!
Bij het scholenkampioenschap zitten 6 teams in de finale. Addy, een van de spelers op het eerste bord heeft een vader die vrij goed kan schaken. Opvallend vaak is die vader in de buurt en een arbiter viel op dat het zoontje nogal eens van zijn bord opkeek vlak voordat hij een zet deed. De vader bleek een knipoog te geven als zijn zoontje een goede zet van plan was...De arbiter heeft die vader op heterdaad betrapt en direct uit het speelgedeelte laten verwijderen. Om dit soort toestanden te voorkomen is het beter om de speelruimte geheel af te sluiten van de ruimte waar de ouders / begeleiders zich bevinden. Jammer, maar wel eerlijker voor de strijd tussen de kinderen! Addy scoorde overigens ook zonder vader prima, dus het "vals spelen" was helemaal niet nodig..
Begeleider thuis
Ik ken vele fanatieke ouders in de schaakwereld. Het is gelukkig geen voetbal waar ouders de hele wedstrijd van alles en nog wat schreeuwen langs de kant, maar ook in de schaakwereld zijn er excessen. Veel ouders gaan héél ver (lees: te ver!) als ze hun kind "stimuleren" te schaken. Soms wordt het pure dwang en dan lijkt mij onwenselijk.Jan was een beetje uitgekeken op schaken, de regionale concurrentie was groot, de prestaties werden minder. Hij kon de hoge verwachtingen van zijn omgeving (ouders!) niet waarmaken. Op de trainingen deed hij goed mee, maar als trainer merkte ik dat het heilige vuur gedoofd was. Zijn vader verkondigde echter dat hij heel gemotiveerd was, thuis dagelijks aan het schaken was en dat Jan juist meer wilde trainen. Toen ik Jan hierover sprak gaf hij zelf aan dat hij niet meer gemotiveerd was en andere zaken leuker vond dan schaken, maar dat hij moest blijven schaken van zijn vader. Toen Jan een jaar later iets mondiger werd, stopte hij met schaken.Haalbare doelen stellen bij toernooien is een ander hekel punt in de relatie tussen ouders en kinderen. Door veel ouders wordt de lat hoog gelegd met - voor velen - een teleurstelling tot gevolg. Wees reëel in het stellen van doelen, er kan er maar één kampioen worden! Het doel "wereldkampioen schaken" te worden is natuurlijk leuk als je klein bent en daarvan droomt. Het wordt echter irreëel als je al heel wat jaartjes schaakt en met pijn en moeite in de top van Nederland meedraait...Vaak zie je dat ouders te weinig luisteren naar hun kinderen en hun eigen doelen en wensen laten prevaleren ten koste van hun eigen kind.
Modja speelde zijn hele jeugd in de top van Nederland en iedereen verwachtte veel van het talent. Veel talent is onvoldoende wil je de internationale top bereiken, je moet mentaal ook heel sterk zijn. Tenslotte moet je keihard trainen (studeren) en daar schortte het bij Modja aan. Desalniettemin kreeg hij op zijn 13e bijzonder goede trainingsfaciliteiten en werd er in hem geïnvesteerd door de schaakbond. Het doel om wereldkampioen te worden werd bijgesteld tot Europees kampioen en spoedig was Modja al blij met een Nederlandse titel. Naarmate Modja ouder en zelfstandiger werd, kwam schaken op een steeds lagere plek in zijn leven te staan. Op zijn 18e schaakte hij nog amper en was hij door diverse minder getalenteerde, maar hard werkende jeugdspelers ingehaald.De hoge verwachtingen omtrent Modja zijn niet uitgekomen, omdat men alleen zijn talent en zijn prestaties zag. Wat Modja er allemaal zelf van dacht was voor de buitenwereld onbekend. Modja en zijn trainer wisten al geruime tijd hoe het met zijn motivatie en trainingsarbeid werkelijk was gesteld. Modja's ouders en de schaakbond waren echter blind voor de realiteit en bleven - tegen beter weten in - het talent de hemel in prijzen en financieel ondersteunen. Zonde van al het geld en de moeite, want Modja stopte met schaken voordat hij 20 jaar was.
Intermediair club-kind
De ouder zal het reilen en zeilen van de club stapje voor stapje zelf moet ontdekken en uitleggen aan het kind, zodat die bewuster wordt hoe alles werkt. Sommige ouders denken echter alleen aan de belangen van hun eigen kind en verliezen daarbij de realiteit uit het oog of nemen niet de moeite om informatie in te winnen over de materie.
Richard was net buiten de boot gevallen voor het team dat naar het Nederlands kampioenschap mocht. Hoewel hij hoopte erin te zitten begreep hij ook wel dat de anderen betere papieren hadden. De teleurstelling was dermate groot dat hij zich ook niet beschikbaar was als reserve.
De essentie van (top-)sport is dat je presteert en als dat niet goed genoeg is dan zal je beter moeten presteren. Om je vervolgens niet als reserve beschikbaar te stellen getuigt mijns inziens niet van clubliefde en respect voor een ieder die zich serieus heeft ingezet in deze zaak. Achteraf had Richard bijna alle wedstrijden kunnen spelen...
Teamleider
De rol van de ouder als teamleider is bij jeugdspelers niet te onderschatten. Met name op sociaal en organisatorisch gebied kan de teamleider voor jeugdspelers een enorme stimulans zijn. Denk dan niet alleen aan het team bijeen krijgen, het vervoer regelen naar de (uit-)wedstrijd, een drankje geven als men speelt, analyse na afloop van de partijen, maar ook aan de mentale ondersteuning (steun en toeverlaat van de spelers!) en het creëren van een goede teamgeest. Is de teamgeest goed, dan zal dat vaak tot gevolg hebben dat de resultaten goed zullen zijn, maar ook dat men met plezier tezamen schaakt. Hoe hechter het team, des te groter de kans dat deze jeugdspelers op lange termijn blijven schaken. Door het groepsproces te stimuleren en een goede band met alle spelers op te bouwen kan een teamleider hier een nuttige bijdrage aan leveren. Spelers die het schaken inmiddels niet meer zo heel belangrijk (leuk) vinden, zullen door deze sociale band langer blijven schaken.Een teamleider die zich alleen op de resultaten van het team focust en de spelers als middelen ziet om een goed resultaat te bereiken zal bedrogen uitkomen.
Organisatorisch
Organisatorisch kan er met ouders weinig mis gaan zou je zeggen. Toch zijn er genoeg voorbeelden waarin ouders een kwalijke rol spelen. Wat te denken van een wedstrijdleider die de spelregels hanteert ten faveure van het eigen kind? Ook zijn sommige ouders alleen maar geïnteresseerd in de belangen van het eigen kind en voeren ze aanvaarde clubtaken niet (of slecht) uit als het eigen kind daar geen profijt (meer) van heeft. Tenslotte ken ik diverse ouders die als bestuurder hun eigen doelen nastreven en minder oog hebben voor de belangen van de kinderen of het schaken. Dit laatste soort ouders ("bobo's") zijn niet mijn grootste vrienden!
Etnische afkomst
De Nederlandse schaakwereld is de laatste jaren steeds "gemengder" geworden. Was het vroeger meer een spel dat voornamelijk gespeeld werd in de hogere sociale klassen van onze maatschappij, tegenwoordig komen de jeugdspelers uit alle geledingen en culturen. De schaakwereld komt zodoende ook in aanraking met ouderlijk gedrag dat grotendeels cultureel bepaald is en dat kan de nodige conflicten tot gevolg hebben. In onze mondige Hollandse maatschappij geven kinderen al vroeg hun mening. In andere culturen moet het kind eenvoudigweg gehoorzamen aan zijn ouders (de vader is de "baas in huis"). Het zal duidelijk zijn dat hier niet alleen een conflict ouder-kind, maar ook club-ouder kan ontstaan. De club die in het belang van het kind - volgens onze Nederlandse normen - iets wil en de ouder die iets anders wil, zonder dat het kind inspraak heeft. In veel onderzoeken komt naar voren dat kinderen van een andere etnische afkomst vaak in totaal verschillende werelden leven: thuissituatie - school - de (schaak-)club - de straat. De mate van integratie is veelal bepalend of er daadwerkelijk conflicten ontstaan of niet.
Problemen van ouders
Persoonlijke huiselijke omstandigheden zoals bijvoorbeeld een echtscheiding of alcoholisme hebben natuurlijk invloed op de (schakende) kinderen. Het is een open deur dat een harmonische omgeving bevorderend werkt.
Michiel was een vrij goede jeugdspeler, mede omdat hij elke dag met zijn vader speelde en trainde. Een groot probleem in het gezin was het alcoholgebruik van de vader. De beschonken vader kwam vaak op de club en bij toernooien en had zich dan slecht in de hand. Hij maakte zich om alles druk en aan de clubbar had hij "praatjes voor 10". Michiel schaamde zich duidelijk voor zijn vader. Omdat de vader niet zo heel goed kon schaken was de schaakcomputer een houvast voor hem. In dronken buien liet hij Michiel wel eens bellen met de trainer en ging hij stellingen uit de training bekritiseren met behulp van zijn computerprogramma. Tijdens Michiel's middelbare schoolperiode gingen zijn ouders scheidden en plotsklaps was Michiel geheel verdwenen uit de schaakwereld.Als kinderen lijden onder de persoonlijke problemen van ouders is dat nooit leuk en heeft dat ook invloed op hun (schaak-)leven. Met name de sociale acceptatie bij hun medeschakers komt dan onder druk te staan en het is dan ook niet vreemd dat men stopt met schaken zodra ze onder het juk van de ouder(s) uit zijn. Heel spijtig, maar een materie waar je als schaakclub of -leraar weinig aan kan doen.
Wat is de moraal van dit verhaal?
In het verhaal "Ouders graag gezien" komt heel duidelijk naar voren welke positieve bijdragen ouders kunnen leveren aan de schaakwereld. In dit artikel kwam de negatieve kant van ouders in de schaakwereld aan het licht.Hopelijk helpen deze artikelen om op een juiste manier de ouders bij de schaakorganisatie te betrekken. Iedere ouder (mens!) heeft zijn goede en mindere kwaliteiten: benut met name die goede kwaliteiten en probeer een manier te vinden om de mindere kwaliteiten buiten de schaakclub (afspraken maken, concrete taken geven) te houden. Laat iedereen doen waar hij of zij goed in is.
Last, but not least: de ouders spelen inmiddels een voorname rol in de schaakwereld. We kunnen niet meer zonder ouders!
Servicepunten
De Servicepuntmedewerkers van de KNSB kunnen clubs bij dit onderwerp verder helpen en adviseren, zij hebben bijvoorbeeld nuttige en praktische informatie over ouderavonden en taakomschrijvingen die door (nieuwe) ouders uitgevoerd kunnen worden.Een boek dat - onder andere - over dit onderwerp gaat is "Langs de lijn of erover?" van Eimer Wieldraaijer en Hans Nieuwenburg (ISBN 9080914606).
© CHESSED 2004/2010 Eddy Sibbing, 16 april 2010
→ meer Platform Schaaktalent Ontwikkelen (PSO)
Platform Schaaktalent Ontwikkelen
